Verhalen

Een wit voetje halen

Een wit voetje halen

--- Moedergeit moest naar de markt en drukte haar zeven kinderen op hun hart niemand binnen te laten. Toen de Boze wolf voor de deur stond, lieten de 7 kleine geitjes hem niet binnen. De Boze wolf ging toen naar de bakker voor meel om daarmee een wit voetje te halen. De geitjes waren erg blij toen ze die mooie witte poot zagen en deden de deur open. ---

Als ik het begin van het sprookje van de wolf en de zeven geitjes zo lees, schieten mij een aantal actuele gebeurtenissen te binnen zoals: ongewenste bezoekers die binnen worden gelaten en de ongehoorzaamheid van kinderen. Wat veel mensen niet weten is dat sprookjes eeuwenlang volksvertellingen voor volwassenen waren en dat pas in de 19e eeuw de Duitse gebroeders Grimm de meeste volksverhalen ‘omtoverden’ tot sprookjes voor kinderen. In deze aflevering wil ik het met jullie over de Geit hebben.

De geit

De geit (Capra hircus = harige geit) is een tweehoevige herkauwer met holle hoorns. Het woord geit komt van het Germaanse gait. Het vrouwtje noemen we een ‘geit‘ of ‘sik’ en een jong geitje een ‘lam’. Het mannetje daarentegen heet een ‘bok’ en een gecastreerde bok een ‘weer’. Een kruising tussen een geit en een schaap noemen we een gaap of een scheit.De Bezoargeit

De schofthoogte van een geit is 70 tot 80 cm. De bokken en sikken hebben puntige (vaak zwarte) hoorns. De draagtijd bedraagt circa 5 maanden en het aantal jongen gemiddeld 2 stuks. Een geit kan 10 tot 15 jaar oud worden. Samen met het schaap was de geit de eerste herkauwer die door de mens gehouden werd als huisdier. Dit gebeurde voor het eerst zo’n 8.000 jaar geleden in Oost Turkije (Anatolië). Behalve huisgeiten leven er nog steeds wilde geiten zoals de Bezoargeit (Capra aegagrus), waar onze huisgeit een nakomeling van is. De Bezoargeit komt voornamelijk nog voor in West-Azië.

Een Citroën 2CV wordt in België naast een ‘eend’ ook wel ‘geit’ genoemd en het muziekinstrument de doedelzak wordt in een aantal talen met hetzelfde woord als voor de geit aangeduid.

In de Middeleeuwen werden geiten vaak in verband gebracht met heksen en duivels. De duivel werd dikwijls met bokkenpoten en -hoorns afgebeeld. De oorzaak hiervan zou kunnen liggen in het feit dat de bokken een slechte geur verspreiden en een grote geslachtsdrift hebben. Ook het onrustig karakter van de geit zou aan de basis van deze misvatting kunnen liggen.

De koe van de arme man

Als huisdier is de geit door de mens in alle werelddelen ingevoerd. Wereldwijd zijn er ongeveer 450 miljoen geiten, verdeeld over 200 verschillende rassen. In hun oorspronkelijke, droge bergachtige leefgebieden werden ze hoofdzakelijk gehouden voor het vlees en de huiden. In het nabije Oosten en India waar nauwelijks varkens– en koeienvlees wordt gegeten, is geitenvlees een belangrijk alternatief. Ook volgens de joodse leer is de geit een rein dier (koosjer). Pas later ontdekte men in Europa dat de geit in staat is om grote hoeveelheden melk te produceren. Een geit geeft gemiddeld 3 liter melk per dag en de geiten(melkers) leveren circa 2% van de wereldwijde melkproductie. Geiten zijn nog steeds in staat om zich in sobere omstandigheden heel goed te handhaven en voort te planten. Daarom worden zij (ook vroeger) vaak door arme mensen gehouden, in plaats van koeien. Maar de geit is wel kieskeurig. Zij eet graag grassen, kruiden, groenten, plantenscheuten, bladeren en boomschors, maar ook planten die voor andere herkauwers giftig zijn.

Slechts een beperkt aantal rassen worden voor de wol gehouden, de bekendste zijn de Angora geit (naar de vallei Angora in Turkije) en de Cashmere geit (Angola en Mongolië). De wol staat bekend als Mohair of Kasjmirwol (ook wel gespeld als cashmere). Van ‘geitenwollensokkendragers’ werd verondersteld dat ze ergens geiten zouden fokken en dat ze in ieder geval alternatieve opvattingen hebben. Daarom zouden deze mensen dit soort sokken in sandalen dragen. Thans worden hier mensen onder verstaan uit de ‘zachte (sociale) sector’.

In Nederland werd de geit ook gebruikt om het gras (vooral ook op dijken) kort te houden. Toen daar later grasmachines voor werden ingezet en bovendien voor melk en kaas vooral koeien werden gebruikt, waren er in de jaren '70 in Nederland nog maar 30.000 geiten over. Nadat in 1983 de melkquotering (vastlegde hoeveelheid per bedrijf) in de melkveehouderij werd geïntroduceerd, is de melkgeitenhouderij sterk gegroeid. In 2010 waren er ruim 350.000 geiten in Nederland, waarvan bijna 250.000 melkgeiten.

Geiten zijn kudde dieren. Ze kunnen daarom het beste samen gehouden worden. Geiten vinden het ook heel fijn om buiten te kunnen grazen. Ze hebben wel een klein schuilhokje nodig voor als het regent, want geiten houden helemaal niet van de regen. Zorg er wel voor dat het hek hoog genoeg is, want geiten zijn slim en echte klimmers en uitbrekers.

De feiten van de geiten

Voor mensen die allergisch zijn voor koeienmelk is geitenmelk (en geitenkaas) meestal een goede vervanger. Geitenmelk bevat ongeveer hetzelfde vet- en eiwitgehalte als koeienmelk, maar geitenmelk bevat 4 keer zoveel vitamine A en 2 keer zoveel vitamine D. Verder bevat geitenmelk meer waardevolle mineralen (zink, calcium en fosfaten). Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat geitenmelk voor ons op onze moedermelk lijkt. Door de eiwitsamenstelling kan geitenmelk helend zijn bij klachten zoals: astma, eczeem, acne, migraine, darm- en gewrichtsklachten.

Zoals de BSE (de gekke koeienziekte) aan koeien is verbonden, zo denken we bij de Q-koorts al snel aan geiten. Dit komt omdat vóór 2007 de Q-koorts een beroepsziekte was, die soms voorkwam bij mensen die beroepshalve in contact kwamen met geiten, schapen of andere dieren. Op dit moment is er minder aandacht voor mensen die ziek zijn geworden van de Q-koorts bacterie. Dat komt omdat de besmettingen zich nauwelijks in de winter voordoen. In het voorjaar, als besmette geiten gelammerd hebben en vooral bij droog weer, waaien miljarden coixella burnetii bacteriën over het land in de richting van dorpen en steden met als gevolg dat mensen ernstig ziek kunnen worden. Vanwege dit angstaanjagende effect staat de bacterie op de lijst van bio-terreurwapens.

Kleur bekennen

Het gezegde ‘een wit voetje halen‘ komt niet van het sprookje van de wolf en de zeven geitjes, maar is ontstaan in de 16e eeuw. Je moest toen op vele wegen tol betalen aan de tolbaas. Maar de eigenaren van paarden met één of meerdere witte voeten hoefden geen tol te betalen. Een schimmel of paard met witte voeten werd als een krachtig magisch dier beschouwd en als eigenaar kreeg je daarom van de tolbaas een ‘voorkeursbehandeling’ en hoefde je geen tol te betalen. Vandaar dat het spreekwoord ‘een wit voetje halen’ betekent: zorgen dat je een gunst of voorkeursbehandeling krijgt.

Wanneer je in het buitenland over kleuren spreekt, moet je altijd voorzichtig zijn over de betekenis daarvan. Wittebroodsweken zijn voor pasgetrouwde stellen in andere landen geen weken van wittebrood, maar honingzoete perioden zoals: ‘la lune de miel’ voor de Fransen, ‘honeymoon’ voor de Engelsen en ‘Honigmonat’ voor de Duitsers. Nu moet gezegd worden dat bij ons ‘iemand honing om de mond smeren’ ook een vorm is van een wit voetje halen.

Voor de katholieken onder ons: ‘Witte Donderdag’ mag je in het buitenland ook niet als zodanig vertalen. In Frankrijk heet deze dag ‘Heilige (saint) Donderdag’, in Oostenrijk en Duitsland ‘Groene (Grün) Donderdag’ en  in het Zweeds ‘Roze (skär) Donderdag’. De roze benaming in het Zweeds is eigenlijk een historisch ongelukje, want het woord ‘skär’ betekende vroeger ‘zuiver’. Zo zie je maar dat dit Zweedse roze een geheel andere betekenis heeft dan de roze tochten door de Amsterdamse grachten en bij de Tilburgse kermis.

Onze Witte Donderdag houdt verband met het gebruik om alle kruis- en andere beelden op die dag met een wit kleed te bekleden. In sommige Duitse streken maakten de banketbakkers op de donderdag voor Pasen de ‘Grüntorten’. Deze taarten werden naar heidens voorbeeld met een felgroene kleur geglaceerd. In Oostenrijk had men de gewoonte om op Groene Donderdag spinazie te eten.

Een geit zet zoden aan de dijk

De wolf

Er worden nog steeds geiten nabij dijken te grazen gezet. In de Langstraat gebruiken ze het spreekwoord: ‘Haol de gait van den daik, d’r komme boenken an de loegt’. Dit is een waarschuwing en betekent: ‘haal de geit binnen want er komen zwarte wolken aan de lucht’. Als je geen geit hebt, zou je deze waarschuwing ook voor andere dingen kunnen gebruiken zoals: ‘laat geen mensen binnen die een wit voetje komen halen’ of ‘zet mensen aan de dijk die anderen zwart maken’.

Nu ik dit stukje gereed heb, is de winter bijna voorbij en staat Pasen voor de deur. Ik vind dit een zalig gevoel en ik wens jullie danook een zalig Paasfeest toe.